Effe lekker uitwaaien in het park in Amsterdam op een zonnige ochtend

Op een van die ongewoon zachte dagen in mei, liep ik op een ochtend door het park in Mokum. Het was nog heel vroeg, want dan is het op zijn mooist.

De sluiers ochtendnevel waren aan het scheuren en flarden zon wisten me met steeds meer kracht te bereiken. Dan is het net of je wederom ontwaakt en de nachtneveldeken van je af laat smelten.

Ik slenterde helemaal door tot de Vossius, want daar zowat bij het einde, wist ik staat een bankje op een open plaats en volgens mij goed in de zon. Ik liep wat sneller, aangezien dat vooruitzicht trok mij reuze aan. Komend om de kromming van het pad bleef ik beduusd en ietwat ontgoocheld staan.

Er zat al iemand op het bankje.

Een oudere man van circa zeventig jaar zat op het bankje met aan de ene kant naast zich een bruine gleufhoed en aan de andere kant een bouquet bloemen. Het was nog vroeg op zondagmorgen en mijn bankje was bezet.
opzet zonnebril
Het zonlicht liet zijn schedel schitteren. Hij was in het bezit van een groot hoofd, een heel groot hoofd. Een kanjer van een kop. Zijn hoedenmaat zou wel eens maat fietstas kunnen zijn. Hij leunde voorover, met de ellebogen op zijn knieen.

Zonder er bij na te denken ging ik op de nog resterende vrije bankruimte plaatsnemen.

Hij draaide even zijn gezicht naar me toe en automatisch schoof zijn hand de bos bloemen dichter naar zichzelf toe. Het leek wel alsof hij bang was dat ik er op ging zitten, of dat ik ze zou inpikken of wilde hij plaats maken, zodat ik erbij kon gaan zitten? Zijn hand bleef in ieder geval op de mooi uitzienderuikers liggen. Het waren roze roosjes met wat gipskruid ertussen in leek het

Hij keek mij aan en zijn ogen en neus lieten zien, dat hij de laatste vijftig jaar grote investeringen gedaan had in de plaatselijke horeca.

Die rozen zijn voor mijn meisje zei hij.

"Prachtig," zei ik," rozen."

"Die woont hiero achter," Een afgebrokkelde nagel wees over zijn schouder waar hij bedoelde.

"Is ze jarig?" vroeg ik.

Hij staarde me weer aan en trok zijn wenkbrauw omhoog. "Wie?," vroeg hij.

"Uw dochter," zei ik.

"Nee," klonk het schor en slepend," Neen, die is niet jarig '.

Hij zweeg en met zijn grote kop keek die weer naar de grond.

"Nee,…..die is niet jarig," herhaalde hij en zuchtte.

Er was blijkbaar iets aan de handHij zat ergens mee, dat kon ik zo wel zien en er groeide nieuwsgierigheid in mij, echter om niet indiscreet te lijken stelde ik verder geen vragen.

"Die blomme benne nog voor veertien dagen terug..," begon hij, "ja kijk, je denkt welderis, nou benne ze groot en kenne ze voor dr eigen zorgen maar nee hoor, pa mot nog regelmatig helpen. Paps ken je de wasbak effe make, vader de poort klemt zo of Frans z'n brommer is kapot."

Hij zweeg en staarde mistroostig naar de kiezeltjes tussen zijn voeten.

Ik voelde, dat ik wat moest zeggen en dus zei ik:"Ja, ik heb zelf ook een....."

"Een klootzak is het en anders niet, met z'n regeringsbeleid," was hij mij voor.

Nu werd ik wel heel nieuwsgierig. "Politiek?" vroeg ik.

"Politiek, ja," zei hij, "politiek. Een eigen partij heb-ie opgericht, de GUA-partij. GUA.," herhaalde hij met klem of het een vies woord gold.

"Met nog een bende verschillende lapzwansen uit de buurt. GUA dat staat voor Geweld-Uit-Amsterdam. Hoe haal je 't in je paardenkop. Geweld uit Amsterdam. Nou voor veertien dagen geleden heb-ie geweten, wat het betekent. Heb-ie van mij een soejang voor z'n kanis gekregen, dat-ie twee dagen suizebolde...de hufter."

Hij ging achterover zitten tegen de rugleuning en een hemelse lach verscheen op zijn door en door gerimpelde gezicht. Hij zette zijn bril af en plaatste daar een opzet zonnebril op. Het zonnetje werd inderdaad wat feller. Ik zette ook mijn zonnebril op.

"Kom ik voor veertien dagen geleden bij ze, want de kledingstandaard lag van de muur, ken die drommel zelf niet vastzetten. 't Zonnetje scheen en het was zaterdag, dan ga ik vooreerst steevast effe neuten bij de Schep, weet je opzet zonnebril op bril niet, van Jopie. Bij de Schep dus. Okee, ik was er een paar over m'n taks. Kom ik bij m'n kleine meisje, tenminste dat dacht ik, staat de deur op een kier. Ik loop de kamer in en zien ik de balkondeuren openstaan. En wat denk je dat ik zie?? Nou?"

Ik haalde de schouders op.

"Ligt daar vreemd wijf met blote tieten op het balkon en lulletje zit ernaast met een glas bier in zijn hand. Wordt het me daar toch rood voor de ogen, omdat als je aan mijn dochter komt, dan kom je aan mij. Hij staat op en loopt zo op me af . Zegt nog Dag Paps tegen me..... Ik ben je Paps niet meer, zeg ik tegen hem en geef hem zo terstond een kneiter voor zijn harses, dat de klokken begonnen te luiden."

Met zijn rechterhand zwaaide hij de vuist weer voor zich uit, als een reprise van de daad. Zijn stem was aangezwollen tot de echte ruziestem.

Hij liet zijn hand zakken in zijn schoot en zuchtte diep.
"Staat in-ene m'n dochter achter me, geeft een gil en grijpt me bij m'n schouders en trekt me zo het halletje in, want die jongedame is sterk hoor. Dat heb ze van d'r paps. Voor ik het weet sta ik buiten en wordt de deur dichtgeslagen. Door het raampie roept ze tegen me, dat ik d'r niet meer bij haar in mag komen."

Hij haalde diep adem en blies de lucht met bolle wangen sissend weer uit.
"Heb ik een ruikertje voor d'r gekocht om het goed te maken. Ik denk wel dat ze't aanneemt. Die ken toch ook niet zonder d'r paps. Ja, op welke manier kon ik nou beseffen, dat het z'n zus was?'"

Hij stond op en zei:" Ik ga eens zien of ze al uitgeslapen zijn. Tabee makker."

Comments on “Effe lekker uitwaaien in het park in Amsterdam op een zonnige ochtend”

Leave a Reply

Gravatar